Cognitieve gedragstherapie

De richtlijnen van de HGR geven aan dat individuele gedragstherapeutische interventies overwogen kunnen worden bij kinderen (>8 jaar) en adolescenten met ADHD en dit bij voorkeur in combinatie met oudertraining. Er is geen evidentie dat deze therapieën de ADHD-symptomen kunnen verminderen.


DOEL

Cognitieve gedragstherapie bij kinderen en jongeren met ADHD richt zich op het versterken van zelfsturing en controle door te focussen op de interne dialoog (hoe je innerlijk tegen jezelf praat). De bedoeling is om via sturende gedachtenprocessen het gedrag te beïnvloeden. De therapie kan zich dan richten op allerlei gedragsdomeinen

  • impulscontrole en zelfregulatievaardigheden
  • gehoorzaamheid
  • emotieregulatie
  • sociale vaardigheden
  • plannen en organiseren
  • efficiënt communiceren
  • probleemoplossend vermogen


METHODE

Een typisch voorbeeld van een cognitieve gedragstherapie is de zelfinstructietraining van Meichenbaum, die nu verwerkt is in heel wat boeken en trainingen. Vier beertjes beelden telkens een denkstap uit:

  • WAT is het probleem ? WAT moet ik doen ?
  • HOE ga ik het doen ? Allerlei ideeën bedenken die kunnen helpen.
  • Ik DOE het
  • Ik KIJK het na; ik evalueer.


NUTTIGE LINKS EN INFORMATIE

  • Volgende boeken verwijzen naar de zelfinstructiemethode:
    • “De berengroepen” van Gerrit Loots
    • “ Kinderen met aandachts- en werkhoudingsproblemen van Kaat Timmerman
    • “ADHD, op’n spoor “ van Karl Baert.
  • Er zijn verschillende protocollen ontwikkeld die zich niet expliciet op ADHD richten maar wel effectief zijn in het voorkomen of beperken van gedragsproblemen:
    • "Minder boos en opstandig" door van de Wiel, Hoppe en Matthys
    • "Zelfcontrole" door van Manen