Uitsluiten van verklarende pathologie

Als de symptomen verklaard kunnen worden op basis van een andere psychische of somatische problematiek dan is het niet steeds nodig om een ADHD diagnose te stellen.

Er dient dus een zorgvuldige differentiaaldiagnostiek te worden gedaan.

ADHD kan echter ook geassocieerd zijn aan andere ontwikkelingsmoeilijkheden en/of psychiatrische beelden. We spreken van comorbiditeit indien volledig voldaan is aan de criteria van beide beelden. Bij een differentiaaldiagnose zijn de symptomen van ADHD onderdeel van de andere problematiek.

Als de verklarende problematiek kan behandeld worden krijgt dit voorrang. Indien dit niet mogelijk is en de ADHD symptomen hebben een duidelijke weerslag op het functioneren kan alsnog geprobeerd worden ze symptomatisch te behandelen, tenzij de verklarende diagnose een relatieve contra-indicatie vormt (bv. schizofrenie)